16 december 2014

Schipper Govert Baars (1775-1848) werd opgesloten wegens krankzinnigheid

Govert Baars werd op den 13 maart 1819 - op verzoek van zijn vrouw - door de Rechtbank in Dordrecht voor een jaar wegens krankzinnigheid "geconfineert" in het Stads Krankzinnig- en Beterhuis. Op 2 augustus van dat jaar werd hij alweer ontslagen, omdat hij was hersteld.

Krankzinnigen werden in Dordrecht vanaf 1760 ondergebracht in het voormalige Heilige Geesthuis van de Grote Kerk aan de Lindengracht. Opsluiting vond plaats wanneer er sprake was van sociaal verwerpelijk gedrag, zoals agressie, alcoholisme of verkwisting. Doorgaans diende een familielid een verzoekschrift in bij de Kamer Justicieel. Deze overlegde dan met de regenten van het huis. Soms werd ook een stadsdoktor om advies gevraagd.

Govert Baars was op 18 januari 1775 in Dordrecht geboren als zoon van Cornelis Jans Baars en Pieternella Schaap. Govert was vernoemd naar zijn gelijknamige oom en zijn overgrootvader Govert Thomasz Gravendijk. Van vader's zijde was Govert een achterkleinzoon van mijn voorouder Cornelis Jansze Baars uit Nederhemert. Govert was getrouwd met Maria Kwantes*. In de periode 1801-1812 lieten zij de volgende kinderen dopen: Cornelis, Jan, Pieter, Barend (2x), Maarten en Napoleon. Via zoon Cornelis (1801-5183) had Govert een gelijknamige kleinzoon. 

Op 11 september 1804 werd in Dordrecht een koopakte opgemaakt, waarin Arnoldus Tijssen, schipper en burger van Dordrecht, "bekende verkocht te hebben, en dienvolgende te cedeeren, transporteeren en in vollen vrijen eigendom overtedragen aan Govert Baars, mede Schipper en wonende binnen deze Stad: zijn Damloper Schuit, lang over Steeven 63 voeten en wijdt 15 voeten, met staande en lopend Want, en verdere bijbehorende Goederen, zo die reilt en zeilt". Hij gaf aan voldaan te zijn met "ene Sa. van Acht Hondert Guldens, gereet en contant geld".

9 december 2014

Pieter Kluifhoofd deed zijn boerderij op 9-12-1765 over aan zijn zoon

Pieter Maartens Kluifhoofd, wonend onder Nieuwenhoorn, transporteerde aan zijn oudste zoon Maarten Pieters Kluifhoofd vanwege diens lange jaren onbetaalde dienst op de boerderij: 
  • Een bouwmanswoning (huis, erf, schuur, wagenkeet en berg) op de Oostdijk onder Nieuwenhoorn.
  • Land in de Ouwejaar, in de Bonsenhoek, in de Steenhoek aldaar, aan de Hoofddijk, in de Welhoek, nog onder Nieuw Helvoet, in de Kruisenhoek, in de Honaard en in de Ossenhoek.
  • Verder draagt hij de pacht over van land in Nieuwenhoorn en onder Nieuw Helvoet, dat hij pacht van Leendert Scheigrond, de Armen van Nieuwenhoorn, juffr. Keiser weduwe Ruigrok, Aalbert Bos, Hugo van Andel, Cent Preuijt, Jan Schaap, Jan de Baan, Kornelis Hoijer en Laurens van Oosten. 
Hiervoor moet de zoon ƒ6000 betalen aan zijn vader of al diens overige na te laten kinderen. Deze akte van schenking bij leven werd op 9-12-1765 opgemaakt door notaris Adrianus Hubertus Honigh.

30 november 2014

Maerten Gerritsen huwde Wijve Jans op 30-11-1612 in Streefkerk

Streefkerk, 30-11-1612:
"Den 30. Novemb. zijn alhier indertrouwe gedaen Maerten Gerritsen, jongman van Leckerkerck, met Wijve Jans, jongedochter van Streef-kercke. Den Bruijdegom geassisteert met zijnen broeder, Lenaert Gerritsen, de bruijt met haren vader, Jan Damissen Smit, en naer datse soo hier als oock tot Leckerkerck hare drije Sondaechsche geboden sonder verhindernisse gehadt hadden, soo zijnse den 23. Decemb. tot Leckerkerck inden houwelijken staet bevesticht."


De bruidegom was Maerten Gerritsen Stuij, een zoon van mijn voorouders Gerrit Cornelisz Stuij en Volckgien Willems.



27 november 2014

Peter IJsbrantsz werd verwond in zijn linker oog

Op 27-11-1625 in Lexmond compareerden:
- Peter IJbrantsz, wonende op Lakerveld, geassisteert met Gerrit IJsbrantsz, zijn broeder, ter eenre, en
- Claes Geerlofsz Schinckel tot Overleck, terandere zijde,
en verklaarde

dat sekere tijt geleden een handgemeen is geweest en dat
Claes Geerlofs daarbij Peter IJbrants in zijn linker oog heeft geraakt.

Peter IJsbrants kreeg daarom 70 gulden.

24 november 2014

De nagelaten weduwe van Cornelis Lenaertsz Speck

Zoeterwoude, d.d. 24-11-1639:

Lijsbeth Dircxsdr. nagelaten weduwe van Cornelis Lenaertsz. Speck, in zijn leven gewoond hebbende aan de Broekweg in Zoeterwoude, in deze geholpen bij Arijen Arijensz., haar broeder, wonende tot Rijnsaterswoude, als haar gekoren voogd, ter eenre, en Pieter Lenaertsz. Speck en Frans Lenaertsz. Speck, als omen en gestelde voogden over
  • Pieter Cornelisz. Speck oud omtrent 14 jaar, 
  • Dirck Cornelisz. oud omtrent 12 jaar en 
  • Maertgen Cornelisdr. oud omtrent 18 jaar of elk daar omtrent 
allen minderjarige weeskinderen van de voorn. Cornelis Leendersz. Speck.

Zij  verklarende overzien hebbende de inventaris d.d. 21-11-1639 van de boedel deze gescheiden te hebben.


Bron: Weeskamer Zoeterwoude inv.  79, transcriptie van Teun van der Vorm.